Nr. 185 (Aanbrengen van correcties in de gepubliceerde tekst van een amvb (verbeterblad))

Het kan voorkomen dat na vaststelling van een amvb door de Koning en publicatie in het Staatsblad aan het licht komt dat het besluit fouten bevat. Indien het verschillen tussen de vastgestelde en de gepubliceerde tekst betreft kan een verzoek tot uitbrengen van een verbeterblad worden gedaan. Daarvoor is geen machtiging van de Koning vereist. Zie voor de procedure ook nummer 101. 

Indien het evidente fouten in het origineel betreft waarvan verbetering niet leidt tot verregaande inhoudelijke wijziging van het besluit, is het mogelijk om deze te corrigeren door middel van een machtiging tot het aanbrengen van correcties en het uitbrengen van een verbeterblad bij het Staatsblad. Hierbij kan gedacht worden aan het wegvallen van een woord of zinsdeel waardoor het desbetreffende artikel of de nota van toelichting onbegrijpelijk wordt, of fouten in een bijlage waardoor deze niet correspondeert met de artikelen van het besluit waarop deze bijlage betrekking heeft. In dit opzicht verschilt deze procedure dus van die bij wetten, waar met een verbeterblad enkel verschillen tussen de vastgestelde en gepubliceerde tekst kunnen worden gecorrigeerd (zie nr. 101). 

Door middel van deze procedure kunnen geen verregaande inhoudelijke wijzigingen in het besluit worden aangebracht omdat de verbeteringen geacht worden van meet af aan te hebben gegolden. Wijzigingen van meer dan ondergeschikte aard dienen door middel van een nieuw besluit gerealiseerd te worden, waaraan eventueel terugwerkende kracht wordt gegeven tot het moment waarop het te corrigeren besluit is gaan gelden.

Voor het verkrijgen van een machtiging tot het aanbrengen van correcties dient de eerstverantwoordelijke bewindspersoon een verzoek in bij de Koning. Voor een dergelijk verzoek kan de volgende tekst worden gebruikt:

«Hierbij verzoek ik Uwe Majesteit (, mede namens mijn ambtgenoot van/voor ..., ) mij machtiging te verlenen tot het aanbrengen van enkele correcties in het koninklijk besluit van ... houdende ... (volgen aard en inhoud van de correcties).»

Het Kabinet van de Koning zendt de verleende machtiging tezamen met het originele besluit terug aan de betrokken bewindspersoon. Dit wordt wel het kabinetsrenvooi genoemd. In de marge van het originele besluit worden de correcties aangebracht door het verantwoordelijke ministerie, steeds voorzien van een handtekening of paraaf van de bewindspersoon. Het originele besluit wordt met het verzoek om het uitbrengen van een verbeterblad aan de Minister van Justitie en Veiligheid gezonden. Voor dit verzoek kan de volgende tekst worden gebruikt:

«Bij brief van ... heb ik de Koning (, mede namens mijn ambtgenoot van ...,) verzocht mij machtiging te verlenen tot het aanbrengen van enkele correcties in het koninklijk besluit van ... houdende ...

Blijkens de brief van het Kabinet van de Koning van ..., waarvan afschrift hierbij gaat, heeft de Koning mij de gevraagde machtiging verleend. De bovenbedoelde correcties treft U, voorzien van mijn handtekening, aan in de marge van het bijgevoegde originele besluit dat door het Kabinet van de Koning aan mij werd toegezonden. Ik verzoek U naar aanleiding van het bovenstaande een verbeterblad uit te brengen op Staatsblad ...»

Het Ministerie van Justitie en Veiligheid draagt na publicatie van de correcties zorg voor het terugzenden van het originele besluit aan het Kabinet van de Koning.

Laatst gewijzigd op: 13-1-2026