Beleidsinstrumenten op categorie

Onderstaande beleidsinstrumenten kun je inzetten om je beleidsdoel na te streven. Bij IAK-vraag 6 Wat is het beste instrument? staat informatie over het afwegen en inzetten van de instrumenten.

De volgende beleidsinstrumenten staan tot je beschikking:

Gedragsinstrumenten

Wil je informatie over instrumenten voor gedragsverandering neem dan contact op met de BIN NL contactpersoon van het departement waar je werkzaam bent. Hieronder staan instrumenten die je kunt inzetten om gedrag te beïnvloeden. Deze lijst is niet uitputtend. Voor meer over gedragsverandering zie Toepassen gedragsinzichten.

Instrumenten gedragsverandering
Instrument Toelichting
Feedback(loop) Door het geven van feedback kan de overheid mensen bewust maken van hun eigen gedrag en verleiden tot gedragsverandering. Denk aan een slimme meter die je vertelt hoeveel energie je verbruikt en vergelijking met je buren.
Framing en labelling Framing
De doelgroep een denkraam aanreiken door bepaalde aspecten van het beschrevene uit te lichten. Je kunt hiermee de focus leggen op de aspecten die voor de doelgroep het meest overtuigend zijn.
Labelling
Het oproepen van een bepaalde opvatting, gevoel of emotie bij mensen, doordat je ze  confronteert met bepaalde tekens, woorden of sensaties.
Gedragscontracten en implementatie-intenties Met behulp van gedragscontracten en implementatie-intenties kan de overheid mensen ondersteunen bij het behalen van hun zelfgeformuleerde gedragsdoelen, zoals stoppen met roken.
Beroep op autoriteit In hoeverre een oproep iemand in beweging brengt, is in hoge mate afhankelijk van degene waar het bericht van afkomstig is. In sommige gevallen kan de overheid als autoriteit gezien worden, waardoor men een bericht serieuzer neemt. In andere gevallen is men meer geneigd iets aan te nemen van iemand die ze kennen, aardig vinden of op hen lijkt.
Keuzearchitectuur Keuzearchitectuur kan worden ingezet om mensen de gewenste keuze te laten maken. Het instrument werkt vanuit de wetenschap dat mensen voorspelbaar keuzegedrag vertonen.
Omgevingsprikkels Omgevingsprikkels spelen in op onbewuste mentale processen en zetten aan tot bepaald gedrag.
Sociale informatie Men laat zich (bewust of onbewust) sterk beïnvloeden door wat anderen doen. Het kan dus helpen om zichtbaar te maken wat de meeste mensen doen om de doelgroep in de gewenste richting te sturen.
Timing Het moment waarop je iemands gedrag probeert te veranderen kan veel uitmaken. Gewoontegedrag kan vaak bijvoorbeeld het best doorbroken worden na relevante levensgebeurtenissen, zoals trouwen, scheiden of verhuizen.

Terug naar boven

Verwerving van steun of kennis

Wanneer er in een beleidsveld behoefte is aan het verkrijgen van (meer) steun van beleidspartijen of indien er meer kennis nodig is om beleidskeuzes te kunnen maken, is het zinvol de beleidsinstrumenten met betrekking tot steun of kennis in te zetten.

Instrumenten verwerving van steun of kennis
Instrument Toelichting
Bestuurlijk overleg Overleg tussen de eindverantwoordelijke bestuurders van organisaties, dat bijdraagt aan gezamenlijke informatieuitwisseling, transparantie, vertrouwen en goede bestuurlijke verhoudingen.
Experiment Bij een experiment of een pilot wordt uitgeprobeerd welke interventies een bijdrage kunnen leveren aan het oplossen van een maatschappelijk probleem.
Onderzoek Onderzoek kan nuttig zijn wanneer nog onzekerheid bestaat over de mate van steun voor het beleid en regelgeving of als er een gebrek aan empirische kennis over de probleemsituatie of de werking van de voorgestelde middelen bestaat.
Taskforce Een taskforce is een tijdelijke organisatie met als doel in korte tijd op een bepaald (maatschappelijk) knelpunt een aantal verbeteringen te forceren.

Terug naar boven

Financiële sturing

Met financiële sturing wordt door de overheid gewenst gedrag financieel beloond of ongewenst gedrag financieel belast. Indien de overheid bepaald gedrag of bepaalde activiteiten gewenst acht, terwijl deze niet vanzelf tot stand komen omdat de (gepercipieerde) kosten te hoog zijn, kan een financieel instrument de actoren over de streep trekken.

Instrumenten financiële sturing
Instrument Toelichting
Eigen betaling Betalingen van particulieren voor collectieve voorzieningen die worden verstrekt door de overheid.
Financiële prikkel Hiermee kun je de keuze van een doelgroep in de gewenste richting sturen omdat je de kosten en baten van verschillende alternatieven verandert.
Subsidie Een aanspraak op financiële middelen die door een bestuursorgaan worden verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders dan als betaling voor aan het bestuursorgaan geleverde goederen of diensten.
Vergunningen Een begunstigende beschikking die nader omschreven activiteiten of handelingen toestaat, die zonder deze beschikking niet zijn toegestaan.
Voucher Een subsidie in de vorm van een tegoedbon die onder bepaalde voorwaarden kan worden ingeleverd in ruil voor een dienst.

Terug naar boven

Sociale sturing

Door informatie te verstrekken, kan de overheid proberen om gedrag van burgers, bedrijven of instellingen te beïnvloeden. Denk bijvoorbeeld aan de keuze van consumenten of de handelwijze van bedrijven en instellingen.

Instrumenten sociale sturing
Instrument Toelichting
Algemene voorlichting Een actieve vorm van informatieverstrekking met de bedoeling om kennis, houding en/of gedrag te beïnvloeden of bewustwording te bereiken. 
Specifieke voorlichting Het van overheidswege verstrekken van informatie om een specifieke doelgroep kennis te laten nemen van een bepaald onderwerp, te informeren of bewust te maken.
Benchmarking Het uitvoeren van een prestatievergelijking, waardoor bedrijven of organisaties zich in kwalitatieve zin aan elkaar kunnen spiegelen.
Best practices Op basis van praktijkervaring wordt vergeleken op welke wijze efficiënter resultaat behaald kan worden.
Deskundigheidsbevordering Bevordert het kennisniveau van een doelgroep.

Terug naar boven

Co-regulering en zelfregulering

Van zelfregulering is sprake wanneer een sector in de samenleving zelf normen opstelt. Doet de sector dit samen met de overheid, dan is sprake van co-regulering. In het geval van zelfregulering of co-regulering wil de overheid het gedrag in een bepaalde sector beïnvloeden door samen met de sector zaken te regelen.

Om zelfregulering te kunnen toepassen moet de sector voldoen aan drie randvoorwaarden:

  • Er moet een bepaald niveau van kennis aanwezig zijn binnen de sector.
  • Er moet draagvlak zijn binnen de sector.
  • De organisatiegraad van de betrokken sector/beroepsgroep moet ‘voldoende’ zijn.
Instrumenten zelfregulering
Instrument Toelichting
Algemene Voorwaarden Wanneer rechten en plichten zonder overheidsbemoeienis worden opgesteld kan meer ruimte ontstaan binnen een bepaalde branche. Bijvoorbeeld, bij branchevoorwaarden als basiselement voor overeenkomsten tussen ondernemers en consumenten.
Alternatieve geschillenbeslechting Een middel om een conflict zonder tussenkomst van de rechter op te lossen. Dit ontlast de rechtspleging. Bovendien is de  drempel om recht te zoeken hierbij  doorgaans lager dan bij een gang naar de rechter.
Certificeren Een proces waarmee door een onafhankelijke partij beoordeeld wordt of een product, een dienst, een proces of een persoon aan vooraf gespecificeerde eisen voldoet.
Convenant Een afspraak van de overheid met een of meer partijen gericht op het realiseren van bepaalde (beleids-)doelstellingen.
Erkenningsregeling Een regeling waarbij de activiteiten van ondernemingen worden getoetst aan een aantal (kwalitatieve) criteria.
Gedragscode Een middel om gedrag in organisaties of binnen bijvoorbeeld een beroepsgroep te reguleren.
Inspecteren  
Keuren  
Keurmerk Een visuele kwaliteitsaanduiding van een product.
Naming and shaming Het openbaar bekendmaken van negatieve informatie over eigenschappen van producten en productieprocessen met het doel de reputatie van de aanbieder van het product of de dienst te beïnvloeden en het gedrag van de consumenten te sturen.
Normalisatie Een proces waarbij belanghebbende partijen op vrijwillige basis, in overleg en op basis van consensus afspraken maken over te hanteren normen.
Protocol Een document met voorschriften over hoe te handelen in bepaalde situaties. Vaak wordt een gedragscode uitgewerkt  door middel van een protocol.
Standaardregeling Een regeling met algemene voorwaarden tussen belanghebbende groepen. De standaardregeling heeft betrekking op dezelfde onderwerpen als Algemene Voorwaarden, maar heeft een aantal onderscheidende karakteristieken/eigenschappen.
Testen  
Tuchtrecht Sanctierecht binnen een bepaalde georganiseerde (beroeps)groep. Het doel van tuchtrecht is de waarborging van kwaliteit van de beroepsuitoefening.
Visitatie Het onderzoeken van bepaalde praktijksituaties om de kwaliteit op markten waar die voor burgers en bedrijven moeilijk is in te schatten op een bepaald niveau te houden of te verhogen en hierover op transparante wijze aan burgers en bedrijven te communiceren.
Zelfregulering Het beoordelingskader kan bij de voorbereiding van voorstellen bijdragen aan een meer weloverwogen en verantwoorde keuze voor de inzet van zelfreguleringsinstrumenten om maatschappelijke problemen op te lossen en dit instrument te gebruiken ter vermindering van regeldruk.

Terug naar boven

Regels die innovatie bevorderen of ruimte laten voor de uitvoering

De keuze van de wettelijke norm heeft impact op de ruimte die er is voor innovatie en op de toekomstbestendigheid van je voorstel.  Het is van belang goed af te wegen hoe wenselijk het is om ruimte te bieden voor toekomstige ontwikkelingen en innovatie en weloverwogen de daarbij passende norm(en) te kiezen.

Instrumenten regels die innovatie bevorderen of ruimte laten voor de uitvoering
Instrument Toelichting
Best beschikbare techniek Best beschikbare techniek is een dwingende norm die innovatie stimuleert. Een voorbeeld hiervan is onder andere te vinden in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. De keuze van deze norm leidt enerzijds tot flexibiliteit: wat de techniek is, is niet dwingend voorgeschreven, maar dát de overheid aanstuurt op de best beschikbare techniek is wel erg dwingend. De sector wordt gedwongen zich te vernieuwen zodra een nieuwe (best beschikbare) techniek tot stand komt.
Doelvoorschriften Doelvoorschriften zijn een nuttig instrument indien doelen objectiveerbaar en meetbaar zijn en gevolgen en risico’s goed zijn in te schatten en aanvaardbaar zijn. Mogelijke beleidsonzekerheid en toezichtslasten moeten wel opwegen tegen de kansen die door deze regels ontstaan.
Experiment Een wettelijke experimenteerbepaling kan een uitkomst bieden in situaties met veel onzekerheid over de mogelijke gevolgen van nieuwe regels. Dat zal met name aan de orde zijn indien de regelgeving betrekking heeft op een dynamisch beleidsterrein waarin zich snel (technologische) ontwikkelingen kunnen voordoen. In een tijdelijke en gecontroleerde setting kan op kleine schaal de voorgenomen aanpassing van regelgeving worden uitgetest voordat deze voor de hele doelgroep wordt ingevoerd.
Right to challenge Een ’right to challenge’ geeft burgers en bedrijven de wettelijke mogelijkheid om op een eigen wijze doelen van een wettelijke regeling te realiseren, zonder aan alle wettelijke regels te voldoen. Een ‘right to challenge’ kan in de praktijk in wetgeving op diverse manieren vorm worden gegeven, bijvoorbeeld met een ontheffingsmogelijkheid of een expliciete regeling hiervan in de wet.

Verwijzen naar technische normen

Er zijn verschillende manieren om te verwijzen naar technische normen. De manier die je kiest is van invloed op de toekomstbestendigheid van je regeling.

Terug naar boven

Verhouding tussen nieuwe wet of wijzigingswet en bestaande rechtssituatie

De inwerkingtreding van een nieuwe wet of een wijzigingswet kan verandering brengen in een op dat moment al bestaande rechtstoestand. Een zorgvuldig wetgever gaat dan ook na welke gevolgen een rgeling met zich mee brengt voor de deze bestaande rechtstoestand en treft waar nodig maatregelen, bijjvoorbeeld in de vorm van overgangsrecht.

Instrumenten verhouding tussen nieuwe wet of wijzigingswet en bestaande rechtssituatie
Instrument Toelichting
Overgangsrecht Het overgangsrecht bepaalt of en onder welke omstandigheden een nieuwe wet of een wijzigingswet van toepassing is op bestaande situaties.
Andersoortige maatregelen Het kiezen voor een lange invoeringstermijn of het tijdig aankondigen van een maatregel zijn alternatieven voor overgangsrecht die in bepaalde gevallen de nadelige gevolgen kunnen ondervangen van onmiddelijke werking.

Terug naar boven

Sturing van de uitvoering

Er zijn verschillende manieren om de uitvoering van een overheidstaak door een uitvoeringsinstantie te kunnen sturen, afhankelijk van wat je met die sturing wil bereiken. Let er in ieder geval op dat de uitvoering effectief is. Doe daarom een uitvoeringsanalyse samen met de uitvoeringsinstantie alvorens je een sturingsinstrument kiest.

Instrumenten sturing van de uitvoering
Instrument Toelichting
Beleidsregels Met beleidsregels kan binnen de ruimte die de wet daarvoor biedt nader invulling worden gegeven aan bestaande bestuursbevoegdheden door regels te stellen waarin de interpretatieruimte van wettelijke bepalingen of de beslissingsruimte van een bestuursorgaan wordt ingekaderd.
Circulaires Schriftelijke algemene mededelingen afkomstig van de rijksoverheid. Met circulaires kan de rijksoverheid beleid bekend maken, verzoeken om medewerking, inlichtingen vragen, advies geven of andere informatie geven.
Financiële verhoudingen -De financiële verhouding tussen Rijk en decentrale overheden wordt geregeld in de Financiële-verhoudingswet.
-De financiële verhouding Rijk-uitvoeringsinstanties wordt geregeld in de Comptabiliteitswet 2016.
-De financiële verhouding met een zbo betreft wordt geregeld door de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen.

Zie ook 6.2 Rechtmatigheid -  a ansluiting op algemene nationale wetgeving.
Inputsturing of throughput sturing (budgetsturing) Gericht op het handhaven van grenzen bij het besteden van middelen. Heeft een aangrijpingspunt bestaande uit het regelen van de input via budgetten. Per kostenpost of procesonderdeel is er een budget dat niet mag worden overschreden. Dit wordt ook wel sturen op middelen genoemd.
Output of outcome sturing (prestatiesturing) Sturing die gebruikt wordt om uitvoeringsinstanties te stimuleren tot het bereiken van de gewenste resultaten. Prestatie-indicatoren leveren een bijdrage aan de sturing van zbo’s en andere medeoverheden door informatie te bieden over het functioneren van processen, de gewenste prestatie outcome en de mate waarin de gestelde doelen daadwerkelijk worden bereikt. Dit wordt ook wel sturen op prestatie-eisen genoemd.

Terug naar boven

Regelen van de uitvoering van een overheidstaak

Indien je een overheidstaak binnen of buiten de overheid wil beleggen, is het van belang de mogelijkheden die je hebt om de onderlinge verhoudingen tussen sturende en te sturen partij vorm te geven te bekijken.

Instrumenten regelen van de uitvoering van een overheidstaak
Instrument Toelichting
Agentschap instellen Het instellen van een agentschap is een vorm van interne verzelfstandiging.
Agentschappen (voorheen baten-lastendiensten) zijn in de uitvoering werkzame, intern verzelfstandigde dienstonderdelen van een ministerie met een eigen sturingsmodel en financiële administratie.
Attributie van een bevoegdheid Een vorm van bevoegdheidstoedeling, waarbij toekenning van een nog niet eerder bestaande publiekrechtelijke bevoegdheid aan een overheidsorgaan plaatsvindt. In Ar 2.14 is bepaald dat attributie wordt vastgelegd in een wet en de reikwijdte van de bevoegdheid duidelijk omschreven moet zijn. Zie titel 10.1 van de Algemene wet bestuursrecht over deze rechtsfiguur.
Decentralisatie Decentralisatie beoogt te voorzien in spreiding van bevoegdheden om zodoende het functioneren en presteren van het openbaar bestuur (en zijn beleid en regelgeving) te verbeteren.
Delegatie van een bevoegdheid Het overdragen door een bestuursorgaan van zijn bevoegdheid tot het nemen van besluiten aan een ander die deze onder eigen verantwoordelijkheid uitoefent. Zie titel 10.1 van de Algemene wet bestuursrecht over deze rechtsfiguur.
Mandaat

De bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen. Zie titel 10.1 van de Algemene wet bestuursrecht over deze rechtsfiguur.
Privatisering Van privatisering is sprake als de overheid afstand doet van een bepaalde taak of organisatie, bijvoorbeeld door aandelen in een staatsdeelneming te verkopen of door een onderdeel van de overheidsorganisatie te verkopen aan een bestaand bedrijf. Keuzes voor verzelfstandiging of privatisering worden verantwoord met de verplichte kwaliteitseis Besliskader privatisering en verzelfstandiging.

Rwt instellen

Het instellen van een rechtspersoon met een wettelijke taak (rwt) is een vorm van externe verzelfstandiging. Rwt's zijn volgens de Comptabiliteitswet 2016 rechtspersonen die een bij of krachtens de wet geregelde taak uitoefenen en daarmee geheel of gedeeltelijk worden bekostigd uit de opbrengst van bij of krachtens de wet ingestelde heffingen. De Algemene Rekenkamer heeft een lijst van rwt’s opgesteld.
Staatsdeelneming aankopen

Het aankopen van een staatsdeelneming is een vorm van externe verzelfstandiging. Staatsdeelnemingen zijn vennootschappen waarvan de staat aandelen bezit. Er zijn staatsdeelnemingen en beleidsdeelnemingen. De Minister van Financiën vervult de rol van aandeelhouder van staatsdeelnemingen. De beleidsrol voor die deelnemingen ligt bij de betrokken vakministers. Als de aandeelhoudersrol en beleidsrol niet goed gescheiden kunnen worden, is er sprake van een beleidsdeelneming. Beide rollen liggen dan bij de beleidsminister.

De marktordening en het strategisch belang van een bedrijf zijn de twee criteria op basis waarvan de staat bepaalt of staatsaandeelhouderschap nodig is. Het gaat bijvoorbeeld om organisaties met een natuurlijk monopolie, zoals TenneT en Gasunie.
Stichting oprichten Het oprichten van een stichting is een vorm van externe verzelfstandiging. De oprichting van een stichting voor het verwezenlijken van beleidsdoelen is alleen bij uitzondering toegestaan. In beginsel blijft de relatie tot een stichting beperkt tot het verstrekken van een subsidie. Voor het oprichten van een stichting geldt het Kader voor stichtingen. Beleidskader betrokkenheid van de Rijksoverheid bij het oprichten van stichtingen (Stichtingenkader 2017).
Toezicht op gedecentraliseerde taken Met de Wet revitalisering generiek toezicht wordt toezicht op gedecentraliseerde taken voor het merendeel vormgegeven door generiek toezicht.
Verzelfstandiging Bij verzelfstandiging gaat het juridisch om het overdragen van bevoegdheden of taken om een bepaalde taak uit te voeren. In economische of bestuurskundige zin duidt het op het toekennen van zelfstandigheid aan een organisatieonderdeel van de overheid. Die zelfstandigheid betreft meestal beheersmatige zaken, zoals personeelsbeleid of financieel beleid. Worden bevoegdheden en taken overgedragen aan een bestaande privaatrechtelijke organisatie, zoals een stichting, dan is eigenlijk sprake van verstatelijking. Toch wordt dit ook vaak aangeduid als verzelfstandiging. Keuzes voor verzelfstandiging of privatisering worden verantwoord met de verplichte kwaliteitseis Besliskader privatisering en verzelfstandiging
Zbo instellen Het instellen van een zelfstandig bestuursorgaan (zbo) is een vorm van externe verzelfstandiging. Zbo’s zijn overheidsinstanties die buiten de departementale organisatie vallen. Ze worden middels een wet in het leven geroepen en kunnen (d.m.v. attributie of delegatie) bestuursbevoegdheden toegekend krijgen. Zie ook de verplichte kwaliteitseis Besliskader privatisering en verzelfstandiging.

Terug naar boven

Naleving en handhaving

Bij het ontwerpen van beleid en regelgeving spelen de componenten naleving en handhaving een onmiskenbare rol. Beleid en in het bijzonder regelgeving staat of valt met de mate waarin de geadresseerde geneigd is het gewenste gedrag te vertonen, oftewel voornemens is om de norm na te leven. Handhaving betreft vervolgens de acties die er op zijn gericht om het gewenste gedrag te beïnvloeden: preventie, controle, opsporing en afdoening.

Onderstaande beleidsinstrumenten en keuzemogelijkheden helpen om een inzichtelijke afweging te maken bij bijvoorbeeld de keuze voor een bepaald sanctiestelsel, de vormgeving van normen en de inrichting van het toezicht.

Instrumenten naleving en handhaving
Instrument Toelichting
Handhaving Activiteiten van de overheid om een bepaalde mate van naleving te bewerkstelligen of af te dwingen.
Keuze sanctiestelsel: relevante factoren Bij de keuze voor een sanctiestelsel staat de effectiviteit van de handhaving centraal. Hierbij kan een afweging gemaakt worden tussen een bestuurlijke boete, de gangbare strafrechtelijke handhaving en de mogelijkheid van de strafbeschikking.
Naleving Handhavingsinzet en handhavingsbehoefte zijn vooral afhankelijk van de verwachte mate van naleving van de voorgenomen regel. Het is zodoende van groot belang om na te gaan wat de verwachte mate van naleving bij de doelgroep zal zijn.
Toezicht Het verzamelen van informatie over de vraag of een handeling of zaak voldoet aan de daaraan gestelde eisen, het zich daarna vormen van een oordeel daarover en het eventueel naar aanleiding daarvan interveniëren.
Bestuursrechtelijke handhaving en sancties Uitgangspunt bij de uitvoering door bestuursorganen van wetten die veelal specifieke rechtsbetrekkingen tussen burgers/bedrijven en de overheid scheppen.
Strafrechtelijke handhaving en sancties Uitgangspunt bij de handhaving van algemene normen zonder specifieke rechtsbetrekking. Strafrechtelijke normen moeten duidelijk, voldoende voorzienbaar en herkenbaar zijn.
Privaatrechtelijke normen Het civiele recht kan onder bepaalde omstandigheden, veelal in combinatie met het straf- of het bestuursrecht, bijdragen aan de goede naleving en handhaving van (bestuursrechtelijke) wettelijke regelingen.

Terug naar boven

Ex ante evaluatie

Ex ante evaluatie (IAK-vraag 7.7) maakt bij het ontwerpen van  beleid- en regelgeving de keuzesituaties inzichtelijk. Op basis van de ex ante evaluatie kan worden onderbouwd welke maatregelen (alternatief, instrument) nodig zijn voor het oplossen van een gesignaleerd probleem.

Instrumenten ex ante evaluatie
Instrument Toelichting
Impactanalyse Bij een impact analyse wordt inzicht te verkregen in de (mogelijke) maatschappelijke gevolgen van een voorstel. Bij een impact analyse wordt gebruik gemaakt van een Impact Assessment.
Impact Assessment (IA) Een Impact Assessment (IA) volgt een aantal stappen waarbij kennis en informatie wordt verzameld ten behoeve van inzicht in sterktes en zwaktes van een mogelijke voorstel voor de omgeving.
Krachtenveldanalyse Helpt duidelijk te maken wie in welke fase van het proces betrokken zou moeten worden en op welke wijze (meedenken, meedoen of meebeslissen).
Maatschappelijke kosten- en batenanalyse (MKBA) Een MKBA geeft inzicht in de positieve en negatieve effecten van beleidsopties op de maatschappij en helpt bij het verbeteren en vergelijken van en kiezen tussen verschillende oplossingsrichtingen.
Planevaluatie Bij planevaluatie wordt een plan opgesteld waarin het doel en de middelen staan vermeld. Het plan wordt bepaald met behulp van onderzoek van de situatie en ondervraging over de wensen van de betrokkenen.
Prognose Prognose gaat over voorspellingen omtrent het verdere verloop van een situatie. Je doet uitspraken over toekomstige gebeurtenissen en ontwikkelingen binnen een systeem, op grond van eerder gedrag binnen dat systeem.
Risicoanalyse Een risicoanalyse is een methode waarbij nader benoemde risico's worden gekwantificeerd door het bepalen van de kans dat een dreiging zich voordoet en de gevolgen daarvan: Risico = Kans x gevolg.
Tafel van elf Een analysemodel bestaande uit elf dimensies die elk bepalend zijn voor de naleving. Kan toegepast worden bij de totstandkoming van wetgeving waarin gedragsnormen zijn opgenomen.
Uitvoeringsanalyse De uitvoerbaarheidsanalyse en uitvoeringsanalyse richten zich vroeg in het beleidsproces (voor het maken van de beleidskeuze) op de vraag of het gewenste beleid of wetgeving uitvoerbaar is.
Uitvoeringstoets De uitvoeringstoets (onderdeel van de verplichte kwaliteitseis U&H-toets) vindt plaats wanneer het beleid al gekozen is en betreft een op bestuurlijk niveau gegeven oordeel van een uitvoeringsorganisatie over de uitvoerbaarheid.
Verkenning Een verkenning is een methode om strategische doelen te ontdekken of informatie te verkrijgen waaruit een algemeen beeld van de situatie kan worden afgeleid om snel en effectief hulp te kunnen bieden

Terug naar boven

Geschilbeslechting

Instrumenten geschilbeslechting
Instrument Toelichting
Arbitrage  
Mediation  

Terug naar boven

Monitoren van beleid

Bij monitoring (IAK-vraag 7.7) worden gegevens via een vast patroon verzameld, opgeslagen, verwerkt en gerapporteerd. Dit gebeurt op basis van van te voren vastgestelde indicatoren. Een indicator is een meetbaar gegeven dat kan worden gezien als een afgeleide, vertaling of benadering van het beoogde beleid. Bijvoorbeeld, het aantal verkeersongevallen geeft aan hoe (on)veilig het verkeer is.

Instrumenten monitoren van beleid
Instrument Toelichting
Enquête Een manier van onderzoek, waarbij gebruik wordt gemaakt van een vragenlijst, die aan meer personen wordt voorgelegd. Representativiteit is van belang bij enquêtes om uitspraken te kunnen doen over het doortrekken van een bepaalde ontwikkeling naar de toekomst.
Nulmeting Een inventarisatie van de huidige situatie met een specifiek doel. Doel van nulmeting is om een ontwikkeling vanaf het moment van meting te kunnen aantonen.
Screening Volgens een bepaald schema in een vroeg stadium relevante gegevens verzamelen om mogelijke gevolgen te kunnen signaleren.
Relevante verplichte kwaliteitseisen
Relevante verplichte kwaliteitseisen Toelichting
Bedrijfseffectentoets Geeft aan hoe je de effecten van voorgenomen regelgeving op bedrijven in kaart brengt, voorkomt of zo beperkt mogelijk houdt.

Terug naar boven

Laatst gewijzigd op: 5-10-2021